De stilte tussen geweld en geduld
Waarom wachten de belangrijkste les is die we kinderen kunnen geven
Er zijn momenten waarop de wereld je confronteert met een scherp contrast. Vorige week was zo’n moment.
Onderweg naar een school hoorde ik op de radio een discussie over geweld tegen zorgverleners. Het aantal incidenten neemt toe. Mensen die slaan, schoppen, bedreigen als ze niet direct geholpen worden. En het meest verontrustende: er waren mensen in de discussie die begrip toonden voor dit agressieve gedrag. Het zou zelfs een cultureel verschil zijn, werd er gesuggereerd.
Ik zat in mijn auto en voelde ongeloof. Niet om de paniek die mensen kunnen voelen bij een noodsituatie, die begrijp ik. Ook niet om de onrust die ontstaat als je hulp nodig hebt en die niet komt, die is volkomen menselijk. Maar geweld? Dat begrijp ik niet.
Het verdwijnen van geduld
We leven in een tijdperk van directe bevrediging. Je bestelt iets online en het is er morgen. Je hebt een vraag en binnen seconden scrollt AI door miljoenen antwoorden. Je hebt honger en binnen twintig minuten staat er eten voor je deur. Je appt als je iemand wilt spreken.
Maar wat gebeurt er als we moeten wachten? Als iemand anders eerst aan de beurt is? Als we geduld moeten hebben?
Voor een groeiend aantal mensen is dat onacceptabel geworden. Zo onacceptabel dat er agressie ontstaat.
Dit is geen cultureel probleem. Dit is een ontwikkelingsprobleem. En het begint al in de vroege kinderjaren.
Waarom kinderen moeten leren wachten
Het vermogen om te wachten ontwikkelt zich vanaf jonge leeftijd. Kinderen leren impulsbeheersing door dagelijkse ervaringen: op je beurt wachten, niet door elkaar heen praten, kunnen delen.
Deze vaardigheden ontstaan niet vanzelf. Ze ontwikkelen zich door herhaalde oefening. En hier komt het krachtige: kinderen die goed kunnen wachten, plannen en hun emoties reguleren, doen het beter op school en later in het leven dan kinderen met een hoog IQ maar zonder deze vaardigheden.
Het gaat niet alleen om slimheid. Het gaat om of je kunt functioneren in een wereld waarin je omgaat met anderen.
Maria Montessori’s visie op wereldburgerschap
Maria Montessori begreep dit al meer dan honderd jaar geleden, en ze zag het in een groter perspectief. Ze geloofde dat elk kind een ‘cosmic task’ heeft – een taak binnen de mensheid. Kinderen zijn niet alleen leerlingen die kennis opdoen, maar wereldburgers in wording die moeten leren hoe ze vreedzaam samenleven met anderen.
Een van de meest essentiële kenmerken van montessorimateriaal is daarom de bewuste beperking ervan. Van elk materiaal is er meestal maar één exemplaar aanwezig in de klas.
Voor buitenstaanders lijkt dit misschien inefficiënt. Waarom niet van elk werk drie exemplaren? Dan is er geen gedoe.
Maar het gedoe is juist waar het leren plaatsvindt. Want wanneer een kind moet wachten op materiaal, oefent het:
Zijn impuls onderdrukken, zijn teleurstelling reguleren.
Respect tonen voor het werk van de ander. Alternatieven bedenken. Samenwerken met anderen
Dit is geen theoretische oefening. Dit is levensecht leren voor het leven in een gemeenschap. Dit is voorbereiding op wereldburgerschap.
Wat ik die dag zag
Toen ik op school aankwam, werd ik enthousiast begroet door kinderen die ik al maanden niet gezien had. Ze kwamen naar me toe met vragen, met verzoeken om lesjes, met dingen die ze wilden laten zien.
En hier komt het moment waarop het contrast met die radiodiscussie me volledig raakte.
Er ontstond geen chaos. Geen gedrang. Geen gefrustreerde reacties toen bleek dat ik maar twee uurtjes in de groep was en niet iedereen een lesje kon geven.
De kinderen vertelden wat ze graag wilden leren. En toen ik uitlegde dat ik niet voldoende tijd had voor iedereen, vroegen ze of ik het aan hun juf wilde uitleggen zodat zij het later van haar konden leren.
Kinderen van zes, zeven, acht jaar oud die perfect in staat waren om te wachten, om alternatieven te bedenken, om samen te werken aan een oplossing. Kinderen die begrepen dat zij deel uitmaken van een grotere gemeenschap waarin iedereen aan de beurt komt.
Geen agressie. Geen geweld. Alleen geduld en creativiteit.
Van klaslokaal naar maatschappij
Deze kinderen zijn niet uitzonderlijk. Ze zijn niet bijzonder braaf. Het verschil zit in de dagelijkse ervaring.
Elke dag oefenen ze geduld. Niet omdat een leerkracht zegt dat ze moeten wachten, maar omdat de omgeving zo is ingericht dat wachten een natuurlijk onderdeel is van het samenleven.
En hier zit de verbinding met die radiodiscussie. Het geweld in de zorg is geen geïsoleerd probleem. Het is een symptoom van een maatschappij waarin we steeds minder oefenen met wachten, met geduld, met het accepteren dat niet alles direct beschikbaar is.
Als we kinderen niet leren wachten, leren we ze eigenlijk dat hun impulsen belangrijker zijn dan respect voor anderen. Als we kinderen niet leren omgaan met teleurstelling, leren we ze eigenlijk dat agressie een acceptabele reactie is op frustratie.
Nogmaals: Dit is naar mijn idee geen cultureel verschil. Dit is een ontwikkelingsverschil.
En het gaat verder dan de individuele ontwikkeling van het kind. Maria Montessori sprak over ‘education for peace’ – onderwijs voor vrede. Ze geloofde dat als we kinderen leren respectvol met elkaar om te gaan, we werken aan een vreedzamere wereld.
Dat klinkt misschien groot en zweverig. Maar eigenlijk begint vrede met iets heel simpels: kunnen wachten tot een ander klaar is. Respect tonen voor iemands werk. Alternatieven bedenken in plaats van te vechten.
Ook thuis van betekenis
Dit is niet alleen iets voor de montessorischool. Geduld leer je overal waar je moet samenleven met anderen – en dat betekent dat ook thuis volop kansen liggen.
Praktische aanknopingspunten voor thuis:
Beperking brengt oefening Niet van elk speelgoed meerdere exemplaren hebben creëert natuurlijke momenten waarop kinderen onderling moeten afspreken wie ermee speelt. Dat is niet altijd makkelijk, maar wel waardevol.
Wachttijden zijn leertijden In de rij bij de kassa, wachten op het eten, wachten tot het jouw beurt is om te praten – dit zijn allemaal momenten waarop kinderen oefenen met geduld. Deze momenten meteen opvullen met een scherm of afleiding haalt de leerkans weg. De verveling en het wachten zijn onderdeel van het leren.
Ruimte voor conflicten Als twee kinderen hetzelfde willen, is het verleidelijk om er meteen tussen te springen. Maar ze eerst de ruimte geven om het zelf op te lossen geeft krachtige leermomenten. “Ik zie dat jullie allebei met de bal willen spelen. Hoe kunnen jullie dit oplossen?” Soms moet je ingrijpen, maar niet altijd direct.
Alternatieven verkennen “Het zwembad is vandaag dicht, wat kunnen we in plaats daarvan doen?” Kinderen ervaren zo dat teleurstelling niet het einde is, maar het begin van creatief denken.
Het voorbeeld Kinderen leren het meest door te observeren. Ongeduld in de file, frustratie als de wifi het niet doet, boosheid als je niet direct geholpen wordt in de winkel – dat zijn de voorbeelden waaruit ze leren wat normale reacties zijn.
De wereld zichtbaar maken “Weet je waarom we in de rij staan? Omdat de mevrouw voor ons ook geholpen wil worden. Net zoals wij straks aan de beurt zijn. We delen de tijd van de kassamedewerker met elkaar.” Zo wordt zichtbaar dat we deel uitmaken van een gemeenschap.
Momenten benoemen Als een kind geduldig heeft gewacht: “Wat knap dat je hebt gewacht tot je zusje klaar was met vertellen. Zo voelt zij zich gehoord.” Kinderen leren zo dat geduld waardevol is.
Voor montessorileerkrachten
Als montessorileerkracht werk je niet alleen aan rekenen, taal of kosmische vorming. Je werkt aan de fundamentele vaardigheden die kinderen nodig hebben om als wereldburger te kunnen functioneren.
Elke keer dat je besluit om maar één exemplaar van een materiaal aan te schaffen, investeer je in de ontwikkeling van geduld en respect.
Elke keer dat je een kind ziet wachten tot werk beschikbaar is, zie je een toekomstig volwassene in ontwikkeling die respectvol kan omgaan met anderen.
Elke keer dat je de verleiding weerstaat om van elk werk meerdere exemplaren te kopen omdat het anders zo onrustig wordt, bescherm je de essentie van montessorionderwijs.
Want die onrust, dat wachten, dat zoeken naar alternatieven – dat is precies waar het leerproces plaatsvindt. Dat is waar kinderen leren dat ze deel uitmaken van iets groters. Dat is waar ze hun cosmic task beginnen te vervullen: bijdragen aan een vreedzamere wereld.
Maria Montessori zei: Help mij het zelf te doen. Maar we kunnen het uitbreiden: Help mij te leren wachten op mijn beurt. Help mij te leren dat niet alles direct kan. Help mij te leren dat ik deel uitmaak van een gemeenschap waarin we respect hebben voor elkaar.
Een reflectie voor iedereen
Of je nu montessorileerkracht bent, ouder, of gewoon iemand die naar die radiodiscussie luisterde en zich zorgen maakt over de toenemende agressie in onze maatschappij – we kunnen allemaal bijdragen aan verandering.
Het begint met kleine dingen. Met één materiaal per soort in de klas. Met wachten bij de kassa. Met een kind de ruimte geven om zijn teleurstelling te voelen en alternatieven te bedenken.
Het geweld in de zorg? Dat zijn volwassenen die als kind nooit hebben geleerd wachten. Die nooit hebben geoefend met geduld. Die nooit hebben ervaren dat andere mensen ook behoeften hebben en ook aan de beurt mogen komen.
We kunnen dit veranderen. Eén kind tegelijk. Eén moment van wachten tegelijk. Eén oefening in geduld tegelijk.
Want uiteindelijk gaat het niet alleen om individuele kinderen die succesvol worden. Het gaat om een generatie wereldburgers die vreedzaam kan samenleven.
En dat begint met kunnen wachten.